Groep 1/2 

Op de Willem Alexanderschool hebben we 4 kleutergroepen. Wij kunnen hierdoor goed onderwijs geven aan uw kind(eren). Hieronder leest u hoe een dag in groep 1/2 eruitziet.

Dagopening

We beginnen ‘s ochtends in de kring of met een spel aan de tafel. We kijken met elkaar welke dag het is, welk getal bij deze dag hoort, welke maand en welk seizoen het is. We bespreken de dagritmekaarten, zingen Christelijke liedjes en luisteren naar een spiegel- of Bijbelverhaal. We vinden het belangrijk om de verhalen te koppelen aan het dagelijks leven van de kinderen. Er is natuurlijk ook ruimte voor de eigen verhalen van de kinderen. Daarnaast besteden we ook aandacht aan het leerlingenbord. In groep 1/2 starten we hiermee, dit heeft een doorgaande lijn binnen de school. De kinderen geven via smileys aan hoe ze zich voelen (normaal/verdrietig/blij). Kinderen die dit willen mogen hun gevoel toelichten. 

Spelen en werken

De kinderen kiezen via het planbord waar ze willen spelen. Om de week worden er werkjes aangeboden. Er is een instructiewerkje (volgens een stappenplan) en een vrije opdracht waarbij er een beroep wordt gedaan op de fantasie en creativiteit van de kinderen.

Daarnaast wordt er nog een werkblad, bouwopdracht of iets soortgelijks aangeboden. Er zijn zowel verplichte als keuze werkjes. De kinderen mogen zelf bepalen welke dag ze het werkje gaan maken. De kinderen krijgen op deze manier eigen verantwoordelijkheid en leren te plannen. 

Wij richten onze aandacht vooral op het proces, hoe de kinderen te werk gaan. Na afloop reflecteren de kinderen op hun gemaakte werk door middel van een smiley en sticker. De smiley geeft aan of ze het werkje leuk of niet leuk vonden. De sticker geeft aan of ze het werkje makkelijk of moeilijk vonden. Op deze manier ontdekken kinderen bijvoorbeeld dat een moeilijk werkje wel leuk kan zijn. Wij gaan hier met de kinderen over in gesprek.

De andere week wordt er in een circuitvorm gewerkt. De kinderen gaan aan de slag met diverse reken- taal en motorische opdrachten. 

Eten & drinken

Halverwege de ochtend vindt het eet- en drink moment plaats. Terwijl de kinderen genieten van fruit of koek, leest de leerkracht voor uit een prentenboek of voorleesboek. Voorlezen is heel belangrijk voor het uitbreiden van de woordenschat. 

Thematisch werken

Wij werken thematisch. Een aantal weken staat er een thema centraal dat aansluit bij de belevingswereld van de kinderen. We besteden o.a. aandacht aan de seizoenen, de kinderboekenweek, Sinterklaas, kerst en andere wisselende thema’s. Binnen deze thema’s worden er voorbereidende reken- en taalactiviteiten aangeboden. Hierbij maken we vooral gebruik van echt materiaal dat de kinderen aanspreekt. Aan het begin van ieder thema bieden we een letter aan. Bijvoorbeeld de h (huh) van herfst. We gaan op zoek naar voorwerpen waar de h in te horen is.

Differentiatie

We bieden activiteiten zowel in de grote als kleine kring aan. De grote kring bestaat uit de hele groep. De kleine kring bestaat uit enkele kinderen. In de kleine kring wordt er specifieker ingegaan op de verschillende niveaus.

Bewegen

We gymmen één keer per week, afwisselend een toestellenles of een spelles.

Bij een toestellenles gaan de kinderen in groepjes langs de verschillende onderdelen. U kunt hierbij denken aan klimmen/klauteren, balanceren, mikken en springen.

Tijdens een spelles worden  allerlei tik,- en zangspelen. aangeboden.

Ook spelen de kinderen iedere dag buiten. Op het schoolplein zijn verschillende klimrekken, er staat een schommel en er is genoeg ruimte om te spelen met fietsen of karren. Bij minder weer gaan we naar de speelzaal.

Engels

Vanaf groep 1 wordt er Engels gegeven. Tijdens deze les staat de handpop ‘Monkey’ centraal.  We starten de les met een welkomstliedje. Vanaf dat moment wordt er alleen maar Engels gesproken door de leerkracht. We eindigen de les met een afscheidsliedje. Onderwerpen die aan bod komen zijn onder andere jezelf voorstellen, kleuren, vormen en tellen.

Sociaal emotionele ontwikkeling

Hiervoor maken wij gebruik van de methode ‘Kanjertraining’. Deze methode neemt een grote plek in op onze school. In de groep worden er Kanjerlessen gegeven aan de hand van het boek ‘Max vindt een dorpje.’ Er staan vier types centraal: de pestvogel, het bange konijntje, het lachaapje en de kanjertijger. We bespreken hoe ze zich gedragen en waarom ze zich zo gedragen. Tijdens conflictsituaties herkennen kinderen zich soms in één van deze types. In spel en gesprek geven we de kinderen handvatten om dergelijke situaties op te lossen.        

Muzikale vorming

Iedere week krijgen de kinderen les van een muziekdocent. De kinderen leren nieuwe liedjes, leren muziekinstrumenten te bespelen en komen op een speelse wijze in aanraking met muzikale begrippen zoals hoog/laag zingen, lezen van noten, bewegen op het ritme van de muziek.     

Einde van de dag

Om 14.00 uur gaan de kinderen naar huis (of naar de BSO). De leerkracht loopt met de groep mee naar buiten.